Weet jij veel? Hoe weet je dat?

Het kan zeer nuttig zijn om de gedachten die gedurende de dag voorbij schieten te onderzoeken, voordat je ze gebruikt als instrument. Een mogelijk startpunt van dit onderzoek is de taal die je gebruikt, omdat taal een afspiegeling is van wat je denkt. In dit blog behandel ik een zin die ik regelmatig hoor: “Ja, dat weet ik al, maar het lukt me niet om het toe te passen.” Als je al denkt te weten wat ik hieronder ga schrijven, lees dan zeker door!

Weten wat men weet en weten wat men niet weet, dat is het ware weten. – Confucius

Weet jij wel wat je weet?

Het was een mooi en intens gesprek, tenminste het tweede deel ervan. Het eerste deel van het gesprek met deze cliënt kenmerkte zich door weerstand, die zich uitte doordat ze binnen een kwartier zeker twaalf keer de zin ‘ja, dat weet ik al, maar het lukt me niet om het toe te passen’ uitsprak. Ik wees haar op de, inmiddels voorspelbaar geworden, reactie en ze schrok ervan hoe vaak ze deze gebruikte. Het leek mij nuttig om deze uitspraak en de bijbehorende gedachte eens nader te onderzoeken. Hiermee stemde ze in.

Laten we bij het eind beginnen

We hakten haar stokpaardje in tweeën: het deel vóór de komma en het deel erna. Stel je nu eens voor dat het eerste deel van de zin (‘ja, dat weel ik al’) klopt. Waarom kies je er dan voor om er een komma achter te zetten? Het is toch prachtig als je het al weet? De komma maakt dat je aandacht verschuift naar het deel na de komma. Het deel vóór de komma kan je positief noemen (je weet het al) en het deel erna vatten mensen vaak negatief op (het lukt je niet om het toe te passen). Als je het tweede deel er eenmaal bij roept, mag jij raden waar je aandacht naartoe gaat. Juist! Naar het zogenaamde negatieve. Het positieve verlies je nu helemaal uit het oog.

Zet er een punt achter

We kennen allemaal wel het Omdenken, dat ons aanraadt om ‘maar’ te vervangen door ‘en’. Dit kan best nieuwe inzichten opleveren en een tip die ik zelf nog beter vind werken is die van Rob van Dijk in zijn boek Korte Kennis. Rob adviseert één van zijn vragenstellers om ‘maar’ te vervangen door een punt. De nieuwe zin zou in dit geval worden: Ja, dat weet ik al. Door dit te doen blijf je met je volle aandacht bij het eerste deel van je zin en kan je voelen hoe het voelt om het al te weten. Probeer het eens uit, ik vind het bevrijdend!

Laten we eindigen met het begin

Als je het advies hiervoor opvolgt vraagt de zin ‘Ja, dat weet ik al.’ om nader onderzoek. Is je wel eens opgevallen dat dingen die je echt weet geen aandacht meer van je vragen? De behoefte om mensen te overtuigen is weggevallen en daarom zeg je het niet meer. Alexander Smit legde dit uit door te vragen: “Hoe vaak roep jij bijvoorbeeld ongevraagd dat je een man of een vrouw bent?” Nooit, schat ik zo in, omdat je daar niet over twijfelt; je weet het en hoeft daar dus niemand meer van te overtuigen. Waarom zou je het dan noemen?

Zij die weten, spreken niet; zij die spreken, weten niet. – Lao-Tse

Je verwijst naar het tegenovergestelde van wat je zegt

Als je zegt dat je iets weet, probeer je iemand anders te overtuigen dat je het al weet. Die behoefte is er alleen als je het zelf niet zeker weet. Dus eigenlijk zit je jezelf te overtuigen, omdat je het niet weet. Kortom: alleen mensen die iets niet weten hebben de behoefte om te zeggen dat ze het weten. Wist jij dat al? 🙂

Door anderen te overtuigen, overtuigen wij onszelf. – Junius

Half weten is geen weten, geloof ik

Als iemand zo vaak herhaalt dat hij of zij iets al weet, is het dus goed om alert te blijven en door te vragen. Bovendien is de vraag: als je iets weet, maar het niet kan toepassen, wat weet je dan eigenlijk? Zoals Von Goethe zei: “Het is niet genoeg, te weten, men moet ook toepassen.” Dat wat je voor weten aanziet is in zo’n geval nog geen geleefde ervaring en lijkt meer op geloven dan weten.

Geloven is zeker weten dat je twijfelt. – Freek de Jonge

Foto gevonden op Pixabay.

Citaten gevonden op citaten.net.

Abonneer je op dit blog d.m.v. e-mail


Gerelateerde artikelen

Over de auteur

Jeroen Rietveld (1977) is afgestudeerd arbeids- en organisatiepsycholoog (MSc, Open Universiteit). Hij weet dat mensen tot veel meer in staat zijn dan ze zelf denken. Zijn missie is om mensen dit te laten inzien en ze te begeleiden naar een wonderlijk mooi leven.

 

2 reacties

  1. Ronald Luiten-Reply
    24 augustus 2018 at 14:36

    Ha Jeroen.

    Weer een mooie blog en zeker herkenbaar.

    Zelf zit ik liever in de modus van “ik weet het niet”. De inzichten en ervaringen die je dan van anderen krijgt helpen je om verder te komen. En zonder te “weten” kun je soms ook de goede dingen doen, mits je blijft luisteren naar je intuïtie.

    Groet,
    Ronald.

    • 24 augustus 2018 at 15:09

      Bedankt Ronald! De modus die jij beschrijft lijkt met meer opleveren dan de tegenovergestelde. En inderdaad: op een bepaald niveau weten we alles (of niets) en dan speelt weten geen rol meer. Alles gaat daar moeiteloos! Groet, Jeroen

Laat hieronder je reactie achter!